Wij leren je binnen
1 dag je theorie!

Haal in één keer je theorie!

Huiswerk

Om voor het theorie examen te slagen bij het CBR is het belangrijk om de verkeersregels te weten. Dat is namelijk het begin van het behalen van je rijbewijs. Daarbij gaan wij jou helpen. Dus lees het volgende goed door!

Tip: neem ook de verkeersborden een keer door, dat is namelijk al het halve werk. Dan helpen wij jou met de rest.

Hier onder volgen een aantal standaard regels:

• Alarmnummer is 112.
• Rijbewijs is 10 jaar geldig.
• Met rijbewijs-B mag je een auto/busje rijden met 8 andere zitplaatsen. Dat is 9, inclusief bestuurder.
• Gordels zijn verplicht, zowel voor als achter.
• Voor alle inzittenden is het belangrijk dat het hoofdsteun goed is ingesteld. Dit geldt ook voor alle weggebruikers. Afstand tussen hoofd en het hoofdkussen is zo klein mogelijk.
• Rijden met kopie van rijbewijs is altijd verboden.
• Het is niet toegestaan om in een auto zonder buitenspiegels te rijden, zowel rechts als links.
• Geneesmiddelen met een gele sticker beïnvloeden het rijvermogen.

Situaties

• Alle betrokkenen bij een aanrijding moeten blijven wachten. Je mag de plaats niet verlaten voordat alle gegevens zijn genoteerd.
• Je mag niet rijden als je van jouw rijbevoegdheid ontzegd bent. Fietsen is wel toegestaan.
• Het rijden met een beperkt onderbeen brengt risico’s met zich mee tijdens het rijden. Je mag dus niet rijden. Voorbeeld hiervan is een gipsbeen.
• Na een ongeval waarbij er een bloedwond is kan je met een kledingstuk de bloeding stoppen.
• Na een aanrijding met een fietser die een pijnlijk been heeft mag je het been niet aanraken maar moet je 112 bellen.
• Als een passagier na een aanrijding pijn aan de nek heeft, mag je hier niet aankomen. Je weet niet wat voor gevolgen dit kan hebben.

Regels binnen en buiten bebouwde kom / erf

• Je moet een bus in de bebouwde kom voor laten gaan.
• Buiten bebouwde kom =80 KM/U.
• Binnen bebouwde kom =50 KM/U.
• Rijden binnen een ERF = 15KM/U of stapvoets.
• Een brommobiel kun je zowel binnen als buiten een bebouwde kom verwachten.
• Op een autoweg mag je nooit keren of achteruit rijden.
• Op een zebrapad is het verboden om in te halen.
• Op een kruispunt mag je niet inhalen of van rijstrook wisselen. Meestal is er een doorgetrokken streep.
• Bij het verlaten van een woonerf moet je alle weggebruikers voor laten gaan.
• Binnen de bebouwde kom moet je een bus voor laten gaan.
• Einde erf moet je iedereen voor laten gaan. Binnen het erf gelden gewone regels.
• Binnen het erf mag je alleen parkeren in de parkeervakken.
• Op het fietspad en de fietsstrook mogen alleen fietsers en snorfietsers rijden.

Stopafstand

Je moet 2 seconden afstand houden bij alle snelheden.
Gemiddelde reactietijd van een bestuurder is 1 seconde.
Volg afstand is altijd 2 seconden.
Volgafstand bij 100 km per uur is 55 meter. Altijd de helft van de snelheid.

• Als je een auto met een aanhanger bestuurd mag je de regels van een vrachtauto volgen.
• Als er een vrachtwagen op een kruising een bocht wil maken moet men tijdig stoppen om voldoende ruimte aan de vrachtauto te geven.
• Je mag geen 40 KM per uur achter een tram rijden.
• Op een eenrichtingsweg mag je niet achteruit rijden.
• Voor een touringcar gelden dezelfde regels als die van een bus zowel binnen als buiten de bebouwde kom wat voorrang betreft.
• Bij het links afslaan sorteer je zoveel mogelijk links bij de streep.
• Bij het rechts afslaan sorteer je zoveel mogelijk rechts.
• Rechts inhalen mag je alleen bij file.

APK

APK betekent: Algemene Periodieke Keuring en is een controle van alle lichte en zware voertuigen om de verkeersveiligheid te bevorderen. Een APK keuring is wettelijk verplicht, wanneer men dit niet doet, loopt men het risico op een boete.
• Diesel voor het eerst na 3 jaar laten keuren, daarna elk 1 jaar.
• Benzine voor het eerst na 4 jaar later keuren, daarna 2x om de 2 jaar en daarna elk jaar.

Autobanden

Bandenspanning: bandenspanning is de druk die in de banden van een voertuig aanwezig is. Deze wordt gemeten met een bandenspanningsmeter en uitgedrukt in bar. De bandenspanning dient bij normaal gebruik om de vier weken gecontroleerd te worden. Bij intensiever gebruik (bijvoorbeeld voor een lange rit, een hoge snelheid of een zware lading) controleer je de spanning van jouw autobanden het beste nog eens extra.
• Minimum profieldiepte van een winterbanden is 4mm.
• Minimum profieldiepte van een normale band is 1,6mm.
• Minimum profieldiepte van een aanhangwagen band is 1,6mm.
• De bandenspanning hoeft niet bij alle banden even veel te zijn. De achterbanden hebben een hogere spanning dan de voorbanden.

Aquaplanning

Aquaplanning of watergladheid is het verschijnsel dat een dunne waterfilm ontstaat tussen de band van een rijdend voertuig en het wegdek, waardoor dit voertuig (tijdelijk) onbestuurbaar wordt.
• Bij aquaplanning op de weg, gas los laten.

Gordels

• Onder 1,35m; kinderzitje.
• Boven 1,35m; autogordel.

Lichten

• Mist achterlicht mag aan bij zicht minder dan 50m zicht.
• Mislicht voorzijde mag aan bij zicht minder dan 200m zicht.
• Achteruit rijlichten zijn wit of geel.
• Dimlicht is de standaard verlichting, deze dien je ten alle tijden te voeren.

Alcohol gebruik

Alcoholpromillage: Het alcoholpromillage geeft aan hoeveel alcohol er per eenheid van volume in een alcoholische drank zit, of het promillage alcohol dat in iemands bloed zit.
Maximale toegestane waarde van alcohol promillage in het bloed is 0.2
• promille en dat staat gelijk aan 88 microgram alcohol, dat zijn 1 á 2 biertjes.
• Een beginnende bestuurder kan een licht educatieve maatregel alcohol en verkeer (LEMA) krijgen bij een alcohol promillage tussen de 0.5 – 0.8.
• Een ervaren bestuurder kan een licht educatieve maatregel alcohol en verkeer (LEMA) krijgen bij een alcohol promillage tussen de 0.8 – 1.0 promille.
• Alcoholslot kan je opgelegd krijgen vanaf 1 promille.
• Maximaal 24 uur rijverbod voor rijden met teveel alcohol op.
• 1 standaard glas alcohol houdende drank blijft 1,5 uur in het lichaam.
• Je mag een alcoholtest niet weigeren op grond van geloof. Je bent verplicht om mee te werken.
• NIKS kan de afbraak van alcohol in jouw bloed versnellen.

Alcoholslot

Het alcoholslot in de auto werkt als startonderbreker.
Het alcoholslot meet middels een blaastest of, en hoeveel de bestuurder alcohol heeft gedronken.
De auto kan dan alleen gestart worden als het alcoholpromillage lager is dan 0,2.
De bestuurder dient tevens, om fraude te voorkomen, onderweg ook een paar keer te blazen.
De bestuurder heeft dan 12 minuten de tijd om een her-test te doen.

Parkeren

Stil staan en parkeren
• In een parkeerhaven mag je 15 minuten parkeren.
• Na 2 uur rijden wordt een rust pauze van minimaal 15 minuten aangeraden.
• 5m voor en 5m na een zebrapad (voetganger oversteekplaats) niet stil staan of parkeren.
• 5m voor en 5m na een bocht niet stil staan of parkeren.
• 5m voor en 5m na een kruispunt niet stil staan of parkeren.
• 12m voor en 12m na een bushokje/halte niet stil staan of parkeren.
• Bij het parkeren in een blauwe zone, heb je een parkeerschijf nodig. Die stel je in op de AANGEKOMEN tijd.

Tekens & Borden

• 300m voor het verlaten van de autosnelweg geef je richting aan.
• 150m voor het verlaten van de autoweg geef je richting aan.
• Om de 100m vind je een hectometerpaal.
• Ongeveer 30m achter de auto plaats je in geval van pech een gevarendriehoek (gevaren driehoek is echter niet verplicht).
• Rode reflectoren vind je aan de rechterzijde van de weg.
• Witte reflectoren vind je aan de linkerzijde van de weg.
• Geen strepen op de weg: max. 60 km/u.
• 2 strepen in het midden van de weg: max. 80 km/u.
• Groene streep op de weg: max. 100km/u.
• Autoweg = 100 km/u.
• Autosnelweg = 130 km/u.
• Kleur van tijdelijke markeringen is altijd geel.

Een vierkant matrix bord is een officieel maximum snelheid bord. Eenrichtingsweg als het een bord blauw is. Als het bord geel is betekend dit een omleiding. En het heeft niks met eenrichtingsweg te maken. Bij een blauw eenrichtingsverkeersbord, waaronder op het bijgezet bordje staat: “Uitgezonderd fietsers en brom fietsers” kunnen alleen fietsers en bromfietsers jou tegemoetkomen.

Milieu

• Het is slecht voor het milieu om in de winter je auto warm te laten lopen.
• Na 30 seconde stil staan, motor uitschakelen.
• De airco verbruikt in een auto het meeste energie. Minder toeren minder benzine. Minder gas geven is minder brandstof.
• Versnelling hoog houden dan bespaar je brandstof.
• Toerenteller laag houden dan bespaar je brandstof.
• 2500 toeren is het ideale toerental.
• Je mag maximaal 240 liter reserve brandstof vervoeren verdeeld over 4 jerrycans van maximaal 60 liter per jerrycan.
• Rijden met open ramen gebruikt meer brandstof.
• Rijden met skybox gebruikt meer brandstof omdat je auto zwaarder wordt en wind tegen krijgt.

Laden & Lossen

Uitstekende lading dat alleen met een rode vlag is gemarkeerd is niet toegestaan. Het moet met een rood/wit gestreept bord worden aangegeven.
• Lading op dak mag niet meer uitsteken dan 20cm aan beide zijkanten.
• Slepen van andere voertuig mag niet meer dan 5m afstand zijn.
• Steekt lading aan de achter zijde meer dan 1m uit is een markering bord verplicht. Uitstekende lading aan de voorkant van een aanhanger is niet toegestaan. Het trekken van een beladen aanhanger heeft invloed op verlichting van uw auto.
• Lading lichter dan 750kg heeft een wit kentekenplaat met het zelfde kentekennummer als de auto.
• Lading zwaarder dan 750kg heeft een geel kentekenplaat met een ander kentekennummer dan de auto en een eigen kenteken bewijs.
• Maximale toegestane massa gewicht van de auto is 3500kg. Laden en lossen plaats: Bij een geel onderbroken streep.

Spoorvorming

Spoorvorming is een beschadiging aan de weg veroorzaakt door zware vrachtauto’s die diepe sporen in het asfalt achterlaten. Van spoorvorming hebben vooral motoren en personenauto’s erg veel last, omdat ze net niet in de sporen passen, wat invloed heeft op het stuurgedrag van de auto/motor.

Cruise control

De cruise control is een snelheidsregelaar of snelheidsbegrenzer functie. Dit houdt in dat de bestuurder met de cruise control functie in staat is de snelheid van een voertuig vast te zetten zodat men zelf geen gas hoeft te geven. De cruise control kan uitgeschakeld worden als men remt, gas bij geeft of ontkoppeld.
• Brandstof kan worden bezuinigd worden door cruis control te gebruiken.

Centrifugale kracht

Kracht die materie van het middelpunt van rotatie wegduwt, als een auto uit de bocht vliegt.

Viaduct

Een viaduct is een begrip voor een grote verkeersbrug die meestal uit meerdere overspanningen bestaat. Een viaduct is aangebracht om over een rijbaan, spoorweg of ander obstakel door te kunnen rijden.

Claxonneren = Toeteren

Gevaren herkenning!

Remmen doe je bij: dieren, kinderen, bal, ballon, vlieger, naderende gevaarlijke situatie, slecht zicht, voor een bocht, vrachtwagen als tegenligger, in twijfelachtige situaties.

Gas los laten doe je bij:
Sneeuw, in een bocht zonder naderend gevaar, drempel in de verte, tegenligger in de verte, besneeuwde weg met een tegenligger, waarschuwingsbord.

Niets doe je bij:
Niets, heel simpel. Gebeurt er niets? Zie je niets? Dan doe je ook niets. Rijd je 20 km/u dan is het juiste antwoord vrijwel 90% van de gevallen ook niets.

1. Een tegenligger haalt je in. Je weet dat hij het niet red. Wat doe je? Snelheid verminderen.

2. Wat doe je als een deel van de autogordel tegen de hals van het kind gaat? Zitting verhoging gebruiken.

3. Bij bijzondere manoeuvres zoals vertrekken, keren, omdraaien, parkeren moet je alle weggebruikers voor laten gaan.

4. Wie mag je niet hinderen bij uitstappen? Alle weggebruikers.

5. Je wilt met een snelheid van 40 KM per uur een autoweg invoegen. Mag dat? Nee. Je moet minstens 50 KM per uur rijden.

6. Invoegen op de snelweg doe je met minstens 60 KM per uur.

7. Een passagier in en uit laten stappen is toegestaan bij een bushalte, taxi parkeerplaats, invalide parkeerplaats.

8. Je mag een passagier NIET op de volgende plaatsen laten uitstappen, instappen of goederen lossen en laden: op een fietspad, bij een doorgetrokken gele streep, bij een rijbaan naast een bus strook of busbaan, autosnelweg of autoweg.

9. Bij een vraag tijdens het examen over DIMLICHT altijd JA kiezen.
Voorbeeld: Je mag niet met groot licht rijden.
Je mag niet met mistlicht rijden. ALTIJD DIMLICHT AAN IN NEDERLAND.

10. Als het zicht minder dan 50 meter is moet de mistlicht aan.

11. Wanneer laat je een voetganger voor gaan?
REGEL: Als je borstkast of rug van de voetganger ziet gaat hij altijd voor.
Als u de zijkant van een voetganger ziet ongeacht links of rechts heeft hij geen voorrang.
UITZONDERING: Op zebrapad en uitrit.

12. Je wilt een ruiter inhalen. Wat is veilig? Snelheid verminderen en afwijken.

13. Kun je door goed te anticiperen jouw stop afstand verkleinen? Ja.

14. Met een snelheid van 70 km/u mag je NIET achter een brommer rijden.

15. Je rijdt op de snelweg en je ziet plotseling een stilstaande file. Wat moet je doen?
Waarschuwingslichten aanzetten en rustig afremmen.

Druk op het WhatsApp icoon om direct je vraag via WhatsApp te stellen!

Ook via WhatsApp bereikbaar!